Home ] Terug naar periode 1965-1985 ]Vorige station ] Volgende station ] [ Volgende pagina ]
  

 

BEILEN

  
Afkorting:Bl
Maatschappij:Nederlandse Spoorwegen (NS)
Type:Standaardtype Douma ("Beilen")
Architect:C. Douma
Bouwjaar: 1970
Baanvak: Meppel-Assen
  
  
Aan het begin van de jaren zeventig heerste bij de NS de opvatting dat bij een modern spoorbedrijf geen negentiende eeuwse stationsgebouwen pasten, "de negentiende eeuwse jas moest zo snel mogelijk worden uitgetrokken". (citaat: C. Douma). Kort nadat de toenmalige Rijksdienst voor de Monumentenzorg een aantal stationsgebouwen op de monumentenlijst had geplaatst werd een plan opgesteld, waarbij vooral de kleinere stationsgebouwen versneld diende te worden gesloopt, eventueel te vervangen door een nieuw gestandaardiseerd stationsgebouwtje. Voor de wat grotere stations werd een nieuwe, vereenvoudigde versie van het Standaardgebouw Douma ontworpen. Mede als gevolg van de belabberde financiële situatie bij de NS werd de "Plint" te duur en te luxueus beschouwd. Van deze vereenvoudigde versie werden tussen 1973 en 1980 niet minder dan 18 exemplaren gebouwd. Het allereerste exemplaar werd echter al in 1970 opgeleverd . Het Drentse Beilen kreeg de primeur.
Beilen is de hoofdplaats van de gemeente Midden Drenthe en telt tegenwoordig ruim 11.000 inwoners. Het ligt ingeklemd tussen de snelweg A-28 en de spoorlijn Meppel-Groningen,, twee verkeersaders die -uiteraard- essentieel gebleken zijn voor het huidige Beilen. Het dorp ontstond ergens in de twaalfde eeuw, al blijkt uit opgravingen dat dit gebied al in de prehistorie werd bewoond. Het is een relatief jong dorp, bij een grote brand in het jaar 1820 werd Beilen nagenoeg geheel verwoest. De Stefanuskerk was één van de weinige gebouwen dat gespaard bleef en is zo'n beetje het enige gebouw van vóór 1800. Rondom deze kerk ontstond feitelijk een nieuw dorp, dat vooral aan het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw enorme ontwikkelingen doormaakte. Die groei was te danken aan de aanleg van diverse land- en waterwegen, maar bovenal dankzij de komst van het spoor.
Beilen kreeg in 1870 haar eerste station, gelijktijdig met de ingebruikname van de spoorlijn Meppel-Groningen. Deze spoorlijn was één van de staatslijnen (in dit geval Staatslijn C), die tussen 1863 en 1872 van overheidswege werden aangelegd. Dit betekende dat het eerste stationsgebouw van Beilen een standaardgebouw was, en wel één van het wat grotere type 5e klasse, waarvan er trouwens slechts negen zijn gebouwd. Aanvankelijk was het station een succes. Het zorgde mede voor een snelle groei van het dorp en dankzij het spoor ontstond pal voor het station een grote zuivelfabriek. Maar het station stond ook erg afgelegen, enkele honderden meters ten zuiden van het dorp, dat zich juist in noordelijke richting ging uitbreiden. Wellicht was dit één van de redenen waarom dit station, samen met de in dezelfde toenmalige gemeente gelegen stations Wijster en Hooghalen, in 1938 werd gesloten. De sluiting van station Beilen werd echter nog geen twee jaar later teruggedraaid, kort na de Duitse inval in ons land. Het is zeker niet ondenkbaar dat de heropening van het station in opdracht van de Duitsers gebeurde. Ook het station van Hooghalen werd tijdelijk weer heropend, maar dat had haar eigen duistere redenen...
Boven: Het huidige stationsgebouw van Beilen is een sterk vereenvoudigde versie van Standaardgebouw type Plint, zoals eerder onder andere gebouwd in Schagen en Etten-Leur, en werd eveneens door architect C. Douma ontworpen. Vooral aan de perronzijde lijken de twee typen gebouwen nog sterk op elkaar, al vallen de twee forse liggers -die bij dit gebouw zo kenmerkend zijn- wel meteen op/ Wat ook opvalt is dat het gebouw niet meer op perronhoogte staat, de verhoging naar het eerste perron is aan de linkerkant te zien. Op de achtergrond torent de zuivelfabriek van FrieslandCampina hoog boven het stationsgebouw uit. Deze fabriek begon ooit onder de naam Drentse OnderMelk Organisatie (DOMO) en werd in 1938 opgericht voor de verdere verwerking van ondermelk (melk waaruit het vet is gehaald). Tegenwoordig wordt hier melkpoeder gefabriceerd, voornamelijk in de vorm van babyvoeding. Hoewel het personeelsbestand in de afgelopen jaren drastisch is gereduceerd is het nog altijd één van de grootste werkgevers van Beilen. De metershoge letters DOMO, die vroeger al van ver waren te zien, zijn helaas onlangs verwijderd.
.
 
 
Onder (beide afbeeldingen): Het eerste stationsgebouw van Beilen was ook al een standaardgebouw, en wel een zogenoemd Waterstaatgebouw van het wat grotere type 5e klasse. Daarvan zijn er in totaal negen gebouwd. Allen waren gebouwd langs de spoorlijnen Deventer - Zwolle - Leeuwarden en Meppel - Groningen. Geen van deze gebouwen is bewaard gebleven, het laatste exemplaar (die van het voormalige station Wirdum ging in 1983 tegen de vlakte. De afbeeldingen hieronder laten het oude stationsgebouw van Beilen zien. De foto links toont het gebouw zoals het er vlak voor de sloop uitzag, helemaal aan de linkerkant is nog net het uitkragende dak van het nieuwe station zichtbaar. De ansichtkaart aan de rechterkant werd vermoedelijk rond 1930 uitgegeven. Merk op dat de smalle, enkelzijdige perrons -kenmerkend voor veel negentiende eeuwse Staatsspoor stations- er toen ook al waren...
.
 
 
Bron: Wikipedia
 
Boven (links en rechts) en onder: Het vroegere station van Hooghalen (linksboven) bevond zich zo'n 6,5 kilometer ten noorden van Beilen. Dit station -dat ook in de toenmalige gemeente Beilen stond- werd ook in 1870 als eenvoudige halte in gebruik genomen, omstreeks 1880 kreeg het een bescheiden stationsgebouwtje. In 1938 werd de halte opgeheven, maar werd in 1942 door de Duitsers tijdelijk heropend. Vanaf dat jaar begonnen de deportaties naar het Durchgangslager Westerbork, later vanuit datzelfde kamp naar de concentratie- en / of vernietigingskampen. Aanvankelijk moesten de gevangenen de circa vijf kilometer lange route tussen het station en het kamp lopen, maar nog datzelfde jaar kreeg het kamp haar beruchte spooraansluiting. Die spoorlijn moest door de gevangenen worden aangelegd, ze sloot even ten noorden van het vroegere station Hooghalen aan op het bestaande spoor. Vrijwel direct na de oorlog werd het kampspoor opgebroken. Tegenwoordig is het tracé van het vroegere spoor duidelijk herkenbaar, zoals bij het Landgoed Grote Zand (rechtsboven). Langs de route staan meer dan honderd bielzen, elk exemplaar staat symbool voor een transport vanuit Westerbork. Het tracé eindigt bij het originele stootblok (onder), die aan de linkerkant is te zien. Dit is dus niet het bekende stootjuk, dat onderdeel is van het Nationaal Monument Westerbork. Het vroegere haltegebouwtje in Hooghalen werd overigens aan het begin van de jaren zestig gesloopt. De plek waar deze gestaan heeft is makkelijk terug te vinden. Toen het spoor aan het begin van de jaren vijftig werd geëlektrificeerd werd pal naast het gebouwtje een onderstation gebouwd, deze staat nog altijd op dezelfde plek...
.
 
 

 

  Free counter and web stats versie: 23-08-2021