|
|
|
Eindelijk een station...
| |
|
 |
| |
|
| |
|
In de eerste jaren van haar bestaan was het qua bereikbaarheid behelpen in Lelystad. Niet zozeer in de stad zelf, want de gescheiden verkeersstromen en haar stelsel van vierbaans hoofdwegen (in Lelystad “dreven” genoemd) functioneerde uitstekend. Stoplichten waren in die beginjaren een volslagen onbekend fenomeen, zelfs anno 2026 zijn hier relatief weinig verkeerslichten. Maar voor wie de stad uit moest werd het een heel ander verhaal, zeker voor de bewoners die naar het westen van het land reisden. Zij waren aanvankelijk aangewezen op de route via Harderwijk. Pas in 1970 kwamen zowel de Hollandse Brug als de verbinding via de Oostvaardersdijk (nu de N701) gereed, waardoor er een veel snelle route naar Amsterdam was gerealiseerd. In 1975 volgde de dijk naar Enkhuizen, de A6 zou pas halverwege de jaren tachtig worden voltooid. Het spoor liet zelfs nog wat langer op zich wachten.
Het is anno nu bijna niet meer voor te stellen, maar er is even een tijd geweest dat Lelystad helemaal niet werd genoemd als plaats voor een nieuw station. Dit was echter zeker niet het geval toen de stad alleen nog maar als werkeiland bestond. Al voordat Oostelijk Flevoland droogviel werd gerept over een spoorlijn tussen het nieuwe Lelystad en Kampen. In de jaren zestig werd voor het eerst gesproken over een spoorverbinding naar Amsterdam, er is zelfs heel even sprake geweest van een spoorlijn tussen Lelystad en Enkhuizen. Maar toen in de jaren zeventig de eerste concrete plannen voor een spoorlijn in de Flevopolder werden gemaakt ging deze niet meer verder dan de nog nieuw te stichten Almere, de Flevolijn werd in die tijd zelfs “Almerelijn” genoemd! Lelystad leek in het stuk niet meer voor te komen. En dat terwijl Almere toen alleen nog maar op de tekentafel bestond en Lelystad de snelst groeiende stad van Nederland was! Uiteindelijk werd de lijn toch doorgetrokken en werd de naam van het project gewijzigd in Flevolijn. De spoorverbinding met Kampen werd naar de hele lange baan geschoven.
De bouw van de Flevolijn kende de nodige uitdagingen, en dit gold zeker voor het gedeelte tussen Almere en Lelystad. Oorspronkelijk zou het spoor namelijk dwars door de Oostvaardersplassen worden aangelegd, maar daar was veel weerstand tegen. Vooral toen werd ontdekt dat dit een overwinteringsplek was geworden voor grauwe ganzen, in die tijd een zeer zeldzame vogelsoort in ons land. Het was uiteindelijk de toenmalige minister van verkeer en waterstaat – mr. H. Zeevalking- die de knoop doorhakte: de Flevolijn moest om het natuurgebied heen worden gebouwd. Hierdoor kreeg het traject die kenmerkende knik, die al snel bekend kwam te staan als “badkuiptracé”. Overigens zou diezelfde minister Zeevalking een jaar later besluiten dat een groot deel van het historische landgoed Amelisweerd moest wijken voor de aanleg van de autosnelweg A27...
Net als in Almere werd ook in Lelystad het spoor verhoogd aangelegd, waarbij het overige verkeer onder meer dan twintig (!) viaducten wordt geleid. Alleen bij de laatste kruising waren destijds de rollen omgedraaid, de Zuigerplasdreef gaat hier over het spoor. Door de hele stad loopt dan ook een circa 4,5 meter hoge spoordijk. Deze werden al in het midden van de jaren tachtig gebouwd, waarna ze geruime tijd moesten blijven liggen voordat het spoor erop kon worden gelegd. Menig Lelystedeling liet op die hoge zanddijken zijn hond uit, bouwhekken stonden er toen nog niet. In de winter waren die hellingen geweldig om van af te sleeën, ook ik heb hier als 11-jarig knaapje aan meegedaan. Overigens werden er toen alsnog hekken geplaatst en was het uit met de (sneeuw)pret. Zoals al aangegeven werd die spoordijk door de hele stad gebouwd. De Flevolijn houdt namelijk niet op bij het station, maar loopt nog enige kilometers door naar een opstelterrein, even ten noorden van Lelystad. Bij dit opstelterrein werd ook een wasstraat gebouwd en kwamen er personeelsverblijven voor machinisten en conducteurs. De Flevolijn kreeg vlakbij de Binnenhavenweg haar definitieve eindpunt. eindpunt.
|

Boven: Wie geen eigen auto had was in Lelystad tot 1988 volledig afhankelijk van het busvervoer. Lelystad had in de beginjaren zelfs een eigen streekbusmaatschappij, de Flevodienst. Op deze foto staan twee Leyland-Verheul semi-tourbussen gereed bij het busstation Noorderwagenplein, in de jaren zeventig was dit het “hoofdbusstation” van Lelystad. Op de voorste bus staat als bestemming “De Vrije Wereld” aangegeven. Mogelijk wordt hiermee het oude land bedoeld (zo noemen wij polderlingen het gebied buiten de Flevopolder), maar het kan ook een soort politiek statement zijn geweest. Deze specifieke bus werd in 1958 gebouwd, en reed oorspronkelijk voor de Autobusonderneming Salland. In 1972 werd ze door Flevodienst overgenomen, waar ze tot 1977 dienstdeed. De Flevodienst hield in 1981 op te bestaan, ze ging verder onder de naam VAD (Verenigde Autobus Diensten). De VAD werd later “Midnet”, dat op haar beurt weer opging in “Connexxion”. Op de achtergrond is één van de karakteristieke fietsbruggen te zien, waar Lelystad bekend om is geworden. De fiets/voetgangersviaducten hebben (bijna) allemaal een naam. Dit is de Veluwsebrug, het is de oudste van Lelystad.
|
|
|
|
|
|
|
Onder (beide foto’s): Op 6 mei 1981 gaf burgemeester J.P.A. Gruijters het startsein voor de bouw van het stationsviaduct. De bouw van de Flevolijn in Lelystad was nu echt begonnen, in de stad verschenen de bekende blauwe bouwborden. Gruijters was de allereerste burgemeester van Lelystad, dat op 1 januari 1980 een zelfstandige gemeente werd. Met een dienstverband van ruim zestien jaar is hij tot nu toe de langst dienende burgemeester van Lelystad geweest.
|
|
|
Bron:
Brochure "Bestemming Lelystad" (collectie M. Zevenbergen) |
|
|
|
|
Onder: Station Lelystad Centrum in aanbouw. Op 6 mei 1982 sloeg de toenmalige minister van verkeer en waterstaat mr. H. Zeevalking de eerste paal van het nieuwe station, exact één jaar nadat burgemeester Gruijters het startsein voor de bouw van de Flevolijn had gegeven. (zie ook de afbeelding hierboven) Op deze foto uit 1987 begint het station haar bekende vorm te krijgen.
Bron: RailHobby (10-1987) |
Onder: Op 14 juni 1988 bracht koningin Beatrix een werkbezoek aan Lelystad, ze bezocht daarbij de Bataviawerf en het enige maanden tevoren afgebrande museum Nieuw Land. Ook onthulde de vorstin deze gedenkplaat in het gloednieuwe station Lelystad Centrum. Hiermee was de Flevolijn definitief voltooid, al was deze toen al ruim twee weken in gebruik…
|
|
|
|
|
Onder (beide foto’s): Even ten noorden van Lelystad is een opstelterrein, waar treinstellen worden gestald en schoongemaakt. Ook is er een wasstraat. Bovendien was hier tot 2012 een standplaats voor het rijdend personeel. Op de foto links is een gewaard gebleven bordessein te zien. Deze stond ooit bij het oostelijke aansluitspoor van het emplacement Watergraafsmeer, vlakbij Diemen. Toen daar in 1989 de beveiliging werd gemoderniseerd werd dit sein geconserveerd en kreeg het hier haar plekje. Beide foto’s zijn al in 1997 gemaakt. Inmiddels is opstelterrein behoorlijk uitgebreid. De standplaats werd in 2012 verplaatst naar een pand tegenover het station. (zie ook de eerste pagina)
|
|
|
|
|
|
|
|
versie:
30-01-2026
|