Home ] [ Terug naar de eerste pagina ] [ Vorige pagina ] [ Volgende pagina ]
   
 
AMERSFOORT CENTRAAL

 

"Een hopeloos ouderwets geval..."

     
   
   
   
Al sinds de ingebruikname is het Amersfoortse station met enige regelmaat mikpunt van kritiek, waarbij het grootste bezwaar -ook nu nog- de forse loopafstanden binnen het station is. geweest. Maar ook het in 1902 gereedgekomen stationsgebouw moest het vaak ontgelden, het werd zelfs een "misgeboorte" en een "belachelijk aanhangsel" genoemd. "Wanneer men zich had ingespannen om het zo dom mogelijk te maken, men zou niet beter hebben kunnen slagen", aldus een ingezonden brief in de krant De Eemlander van 21 oktober 1905. Het grootste bezwaar was het feit dat het stationsgebouw op de kop van "een zes minuten gaans lang perron staat". En dáár had deze schrijver natuurlijk wel een punt...
Aan het begin van de jaren vijftig begint het station veel te krap te worden. Er zijn sinds die tijd diverse kunstgrepen toegepast om het steeds verder toenemende aantal reizigers enigszins in goede banen te leiden. Maar ook de perroncapaciteit begon tekort te schieten. In 1952 werd daarom aan de westzijde van het eilandperron een zakspoor (het beruchte "spoor 22") in gebruik genomen, waardoor het station er in feite een perron bij kreeg. Korte tijd later volgde een grote verbouwing van de stationshal. Ook werd de baanbeveiliging gemoderniseerd, waarvoor een nieuw hoofdseinhuis werd gebouwd. Toch sprak men in 1960 nog steeds van "een hopeloos ouderwets geval". Vooral de enorme afstand tussen de traverse en het inmiddels veelgebruikte zakspoor, dat aan de andere kant van het perron lag, werd als "problematisch" ervaren.
Aan het begin van de jaren zeventig ging het station rigoureus "op de schop". Het smalle perron langs het stationsgebouw werd omgebouwd tot een breed eilandperron, dat eveneens aan de westzijde van een zakspoor werd voorzien. Dit perron werd grotendeels naast het stationsgebouw aangelegd, maar er was daar eigenlijk net te weinig ruimte voor. Om de ombouw van een kopspoor tot hoofdspoor mogelijk te maken moet het stationsgebouw iets worden versmald. De gehele perrongevel, inclusief het achtkantige torentje bij de loopbrug, werd gesloopt en ook de nog aanwezige perronoverkappingen ruimden het veld. oude perronkap werd gesloopt. Uit de luchtbrug werd eveneens een flink stuk uitgesneden, om zo een brede trap naar het perron te kunnen plaatsen. Het was een onvoorstelbare verminking, waarbij het toch al aparte stationsgebouw nu wel heel vreemde verhoudingen. Om de overbelaste traverse wat ruimte te geven kreeg het station een werd tussen het belangrijkste perron tweede luchtbrug. Deze verbond de perrons met het busstation en het achter het station gelegen stadsdeel. Het was echter een afgrijselijk oranjerood gekleurde luchtsluis, anders kan ik het gedrocht niet omschrijven. De capaciteit van het station verdubbelde, op papier althans, maar hoe het er uitzag deed er kennelijk niet toe...
Toch bleef het behelpen. Vooral tijdens de spits was het bepaald geen pretje om op het station te zijn. Het was er vaak zó druk dat het station compleet verstopt raakte. Op warme dagen kon het in die nieuwe traverse ook nog eens bloedheet zijn. In de jaren tachtig kreeg het stationsgebouw voor de laatste keer een grote verbouwing. Zaken als de lectuurwinkel en het Grenswisselkantoor moesten uit de hal verdwijnen, en werden verbannen naar de het stationsplein. Daar werden lelijke aanbouwen aan het stationsgebouw geplaatst, alwaar ze een plaats kregen. Het was toen al duidelijk dat de dagen van het stationsgebouw waren geteld. De bouw van een groot kantoorpand met een gebogen gevel, pal naast het stationsgebouw, kondigde het definitieve einde aan. Dat pand zou namelijk een deel van het nieuwe stationsgebouw worden. In de herfst van 1995 ging het oude stationsgebouw definitief tegen de vlakte. Vrijwel direct daarna begint de bouw van een nieuw, spectaculair stationscomplex.
.

Boven en onder: Tweemaal het oude stationsgebouw, in de nadagen van haar bestaan. De luchtfoto hierboven werd gemaakt in 1990. De AKO-boekhandel en het GWK zijn inmiddels verplaatst naar de uitbouwsels aan de zijkant van het stationsgebouw. De AKO zat op de plek waar vroeger de karakteristieke poort was. (zie ook pagina 5) Het GWK zat in het gedeelte dat er haaks op stond. De foto hieronder werd vier jaar later geschoten. Aan de rechterkant is nog net het nieuwe kantoorgebouw te zien, dat later de rechtervleugel van het nieuwe stationscomplex zal worden...

.
 
 
 

Onder: Een indrukwekkende groepsfoto, waarschijnlijk van het voltallige stations personeel. De zijkant is hier nog in de oorspronkelijke staat, met een korte boogkap en daar achter een klein torentje. De foto werd waarschijnlijk in 1939 gemaakt, het jaar waarin de spoorwegen haar eeuwfeest vierden.

Onder: Ongeveer vanaf hetzelfde standpunt als de foto hiernaast, maar dan 50 jaar later. De overkapping is verdwenen en het stationsgebouw is aan de perronzijde een stuk ingekort. Ook is er een nieuw gedeelte in de originele luchtbrug gezet. Zowel het stationsgebouw als de traverse oogden toen behoorlijk verminkt...

 
 

Onder: Rond het jaar 1972 werd het station uitgebreid met een nieuw eilandperron, welke vrijwel geheel naast het stationsgebouw kwam te liggen. Het heeft een wat merkwaardige vorm; ze begint zeer smal bij het stationsgebouw, en wordt dan steeds breder. Dit laatste was vooral gedaan om aan de westzijde een extra zakspoor toe te kunnen voegen. Het perron kreeg een nogal opmerkelijk vormgegeven perrongebouw, ontworpen door architect J. Bak. Het futuristische uiterlijk van het gebouw had prime gepast in Den Haag Centraal, maar hier sluit het totaal niet aan bij de rest van het station. Dit geldt zeker ook voor de door architect K. van der Gaast ontworpen perronoverkapping. Het huidige station is mede hierdoor een bijzondere mix van uiteenlopende bouwstijlen...

 
 

Onder: Een nostalgisch beeld: locomotief 1115 en een onbekende loc uit de serie 1600 staan geparkeerd op spoor 21. Dit was het zakspoor in het eilandperron dat in de jaren zeventig werd aangelegd. De in 1951 gebouwde 1115 zou het oude stationsgebouw ruimschoots overleven, pas in 1999 ging de locomotief definitief buiten dienst. Op de achtergrond is de oranjerode luchtbrug te zien.

Onder: Het tijdelijke stationsgebouw, dat in de zomer van 1995 in gereedkwam en zo’n twee jaar dienst zou doen. Het stond bij het busstation, pal naast de oranje traverse. Het was dus een paar honderd meter verder naar het westen gesitueerd. Wie goed kijkt ziet achter het glas één van de karakteristieke lampen uit het oude stationsgebouw. In dit tijdelijke station was zelfs een platenzaak...

 
 

Onder en rechts: Het einde van het Amersfoortse stationsgebouw, dat net geen 93 jaar oud mocht worden. Anders dan de meeste andere stationsgebouwen van de hand van architect Margadant kreeg dit gebouw tijdens haar bestaan nooit de erkenning die het eigenlijk wel verdiende. Die kwam pas (ver) na de afbraak. De sloop begon in september 1995, enkele weken later -op 5 oktober- stond alleen de toren nog overeind. (foto rechts)

foto: G. de Graaf
 
 

  Free counter and web stats versie: 17-08-2026