|
|
|
De perrongebouwen en de overkapping
| |
|
|
| |
|
| Gedeeltelijke herbouw:
|
ca. 1946 |
| |
|
| |
|
Via een smalle, overdekte luchtbrug werd het eilandperron bereikt. Deze traverse, vervaardigd uit geklonken staal en glas, lag bijna in het verlengde van de ingang. Aan het andere uiteinde stond men na een lange afdaling op het eilandperron. Zoals al eerder opgemerkt is dit al van meet af aan het belangrijkste perron geweest, nog steeds vormt dit het hart van het station. Het is een dubbel perron, met vier zogenoemde perronfasen. Het heeft dus een A- en een B-gedeelte.
Op het eilandperron staan drie perrongebouwen, die onderling worden verbonden middels een ruim 350 meter lange overkapping. Deze bestaat over de gehele lengte uit twee schuine luifels, met daar tussenin hogere boogkappen. Die laatsten worden onderbroken door de perrongebouwen, hetgeen vooral vanaf de traverse of één van de andere perrons goed is te zien. Aan het westelijke uiteinde en waar de boogkappen worden onderbroken zijn glaswanden aangebracht, de zijkanten zijn van glazen lichtstroken voorzien. De stalen constructie werd gemaakt door staalbedrijf Hillen & Co. uit Jutphaas, het huidige Nieuwegein. Mogelijk heeft datzelfde bedrijf ook de overdekte luchtbrug gebouwd.
De drie afzonderlijke perrongebouwen worden (van oost naar west) aangeduid met de letters A, B en C. Het middelste perrongebouw (B) was en is het grootste en belangrijkste, hier waren de diverse wachtkamers en het restaurant gevestigd. In de overige perrongebouwen zijn al van oudsher vooral dienstruimten te vinden. Ook hier is de jugendstil-ornamentiek en de invloed van Berlage duidelijk zichtbaar. Talloze ornamenten in natuursteen, en fraai houtsnijwerk sieren de gebouwen. Dit is vooral bij de perrongebouwen A en C goed te zien. Gebouw B oogt -op z’n zachtst gezegd- aanzienlijk soberder. Uiteraard heeft dit een reden...
Desondanks is perrongebouw B vanaf de traverse, maar ook vanaf de overige perrons, makkelijk te herkennen. Het perrongebouw is niet alleen veel groter dan de andere twee, het is bovendien het enige met een gedeelte dat boven de overkapping uitsteekt. Dit is het zogenoemde restaurateursgebouw, dat zich recht boven het vroegere restaurant bevindt. In dat bouwdeel was vroeger de keuken van het restaurant. Ook had de uitbater er zijn dienstwoning. Tegenwoordig is het een vrij simpel vormgegeven bouwwerk, maar ooit had het een veel levendiger aanzien. Het was ook veel hoger dan nu het geval is. Helaas ging het oorspronkelijke restaurateursgebouw tijdens de Tweede Wereldoorlog verloren. Het markante restaurateursgebouw keerde na de oorlog niet meer in de oude vorm terug, slechts een eenvoudig bouwsel kwam ervoor in de plaats.
Naast het grote eilandperron beschikte het station over een tweede perron. Deze bevond zich grotendeels opzij van het stationsgebouw, en beschikte gedurende lange tijd over slechts één doorgaand spoor. Het werd waarschijnlijk vooral voor de afhandeling van goederen gebruikt. Toch was ook dit perron voorzien van een overkapping. Een “tweedehandsje” weliswaar, maar toch...
|
Boven: Vanaf de trap naar het perron zicht op perrongebouw A. De drie perrongebouwen worden ter onderscheiding A, B en C genoemd, “geteld” vanaf de stationstraverse. Het grootste en belangrijkste van de drie, perrongebouw B, is dus niet het gebouw dat het dichtst bij de luchtbrug naar het stationsgebouw staat. Mogelijk is dit nog een herinnering aan de oorspronkelijke opzet van het station, het ontwerp werd immers op de valreep nog aangepast. (zie ook pagina 4) Op deze foto uit 2007 is in gebouw A nog een Kiosk gevestigd, tegenwoordig zijn deze op het eerste en het derde perron te vinden.
|
| |
|
|
|
|
Onder (beide foto’s): Het oude eilandperron vormt nog steeds het hart van het station. Het is een dubbel perron, dus met een a- en een b-gedeelte. De ruim 350 meter lange overkapping werd in 1901 gebouwd door de firma V.A. Hillen & Co. Ze is zeker niet de grootste in haar soort, al is ze slechts enkele meters korter dan de overkappingen van Amsterdam Centraal. Op de foto rechts is perrongebouw B te zien, deze is makkelijk te herkennen aan de “extra” bovenverdieping. Vroeger waren hier de verschillende klassen wachtruimtes en er was een restaurant. Tot op de dag van vandaag is hier een vorm van horeca te vinden. Sinds enige jaren is een deel van het gebouw als vergaderlocatie te boeken.
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
Onder: Perrongebouw B in haar oorspronkelijke gedaante, met hoog boven de overkapping het restaurateursgebouw. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het spoorknooppunt meerdere keren doelwit van bombardementen en beschietingen, vooral vanaf de herfst van 1944 was het regelmatig raak. Voornaamste doelwitten waren uiteraard het spoor en het rollend materieel, maar ook de gebouwen -en dan met name perrongebouw B- liepen schade op. Het restaurateursgebouw werd compleet verwoest en ook het restaurant, de wachtruimte derde klasse en een deel van de overkapping raakte zwaar beschadigd. Wachtruimte, restaurant en de perronoverkapping werden (grotendeels) weer in oude staat hersteld, het restaurateursgebouw keerde echter als zeer eenvoudig bouwsel terug...
|
|
Bron: | |